Je stopt als zzp’er? Check deze checklist

Het kan gebeuren: je moet stoppen met je bedrijf. Voor de een is dat fijn. Een ander baalt er juist van. In ieder geval moet je het stoppen van je bedrijf slim aanpakken. Hoe doe je dat? Dit is een checklist die je helpt.

De reden om te stoppen is voor iedereen anders. Misschien was het slecht nieuws. Misschien ga je weer in loondienst. Misschien heb je geen tijd meer voor je bedrijf. Of misschien is je bedrijf niet succesvol genoeg. Of misschien ga je zelfs een wereldreis maken. Hoe dan ook, stoppen hoort bij het ondernemen. Dit artikel gaat over hoe je met je bedrijf stopt.

1 – Bereid je voor

Allereerst moet je goed nadenken over wat je doet. Weet je wel wat je allemaal moet regelen? Sommige dingen die je moet regelen, zijn zakelijk. Andere dingen zijn privé. En weet je wel wat je in de toekomst gaat doen? Als je dat allemaal weet, dan ben je klaar om je uit te schrijven als ondernemer.

2 – Schrijf je uit als ondernemer bij de Kamer van Koophandel

Daarmee zorg je ervoor dat je bedrijf niet meer geregistreerd staat. De Kamer van Koophandel geeft dat door aan de Belastingdienst. Dat hoef je dus niet apart te doen. Daarmee ben je trouwens niet van de Belastingdienst af. Je moet je administratie nog afmaken. Ook moet je je laatste belastingaangifte doen. Tegelijk doe je je laatste btw-aangifte.

3 – Houd rekening met je reserves

Misschien heb je een oudedagsreserve. Dat is een spaarpotje in je bedrijf. Over dat geld moet je belasting betalen als je je bedrijf stopt. Het gespaarde bedrag tel je bij je laatste winst op. En heb je spullen in je bedrijf? En wil je die privé blijven gebruiken? Dan moet je hierover btw betalen.

4 – Bereken je stakingswinst

Wil je weten hoeveel je aan belasting moet betalen? Dan moet je je laatste winst weten. Je laatste winst heet de ‘stakingswinst’. Natuurlijk kun je ook verlies maken. Maar als je een stakingswinst maakt, krijg je een stakingsaftrek. Je mag maximaal 3.630 euro van je stakingswinst aftrekken bij je belastingaangifte. Dat klinkt gemakkelijker dan je denkt, maar de Belastingdienst noemt het berekenen van de stakingswinst ‘erg ingewikkeld’. Laat je daarom altijd helpen door je belastingadviseur of boekhouder.

5 – Bewaar je administratie

Iedereen moet zijn administratie bewaren. Dat geldt voor je privé-papieren en ook voor je ondernemerspapieren. Bewaar je aangiften en bonnetjes goed. Zodat je altijd alles terug kunt vinden. Je moet je papieren zeven jaar lang bewaren. Papieren over je onroerend goed moet je zelfs tien jaren bewaren. Ook als je met je onderneming stopt, moet je je administratie blijven bewaren.

6 – Denk eraan je contracten te stoppen

Je wilt natuurlijk niet door blijven betalen als je bedrijf er niet meer is. Daarom moet je de verzekeringen van je bedrijf stopzetten. Vergeet ook je zakelijke abonnementen en contracten niet. Sommige daarvan kun je niet privé gebruiken. Soms mag je je zakelijke telefoon- of internetabonnement niet privé gebruiken. Dat kan ook zo zijn met je zakelijke verzekeringen of een leasecontract. Voor verkeerd gebruik kun je zelfs een boete of een nabetaling krijgen.

7 – Ga offline

Laat weten dat je gaat stoppen met je bedrijf. Laat niet alleen de overheid en de belastingdienst dat weten. Het is best vervelend als klanten je blijven bellen. Zet het daarom ook op je website. Haal je website pas na een tijdje offline. Doe dat ook met je zakelijke accounts op sociale media. Laat een bericht achter dat je stopt met je bedrijf. En verwijder pas daarna je profielen.

8 – Help je klanten nog één keer

Je onderneemt voor je klanten. Als ondernemer bouw je een netwerk van klanten op. Als jij stopt met je bedrijf, moeten sommige klanten iemand anders zoeken. Het is wel zo netjes om ze daarbij te helpen. Neem de tijd om lopend werk af te maken. Of om het goed over te dragen aan je klant. En denk mee met je klant: misschien kun je andere ondernemers aan ze tippen?