Betaald verlof; hier heeft jouw medewerker recht op

De komst van een baby, een gesprongen waterleiding, de zorg voor een ziek familielid, of gewoon meer tijd met je kind willen doorbrengen. Allemaal redenen voor verlof. Waar moeten werkgever en medewerker zich aan houden? En hoeveel kost het jou als werkgever?

Verlof kan op verschillende manieren geregeld worden. Kortdurend en betaald door jou als werkgever, verlof voor een lange periode via een uitkering of verlof voor korte periodes of juist langere tijd, waarbij je het salaris van de medewerker niet doorbetaalt. Hieronder zie je de vormen van betaald verlof en de belangrijkste wijzigingen. 

Deze vormen van verlof betaal jij als werkgever (betaald verlof):

  1. Kortdurend zorgverlof; de zorg moet noodzakelijk zijn en alleen door de werknemer kunnen worden verstrekt. Per 1 juli 2015 gaat het niet alleen over zorg aan een kind, partner of ouders, maar ook aan broer, zus, grootouders, huisgenoten of anderen in de sociale omgeving. Per 12 aaneengesloten maanden kan een medewerker hooguit 2 maal de arbeidsduur per week aan betaald verlof opnemen. Je bent als werkgever verplicht ten minste 70% van het salaris te betalen, met als ondergrens het minimumloon.
  2. Calamiteiten- en ander kortverzuimverlof; bij overlijden en uitvaart van een direct familielid, bevalling van de partner, plotselinge ziekte van een kind of een noodgeval in huis. Je kunt het verlof als werkgever uitbreiden met gelegenheden als huwelijk, jubilea, verhuizing of bezoek aan een arts. In alle gevallen ben je in principe verplicht het loon normaal door te betalen.
  3. Feestdagen; de medewerker heeft recht op salaris op de dagen waarop hij of zij normaal gesproken zou hebben gewerkt. Met medewerkers met een andere religie kun je afspreken dat ze op een eigen feestdag vrij nemen, tegen inlevering van een vakantiedag.
  4. Kraamverlof; de medewerker heeft recht op verlof met behoud van loon voor in totaal 2 werkdagen gedurende 4 weken na de bevalling van de echtgenote, geregistreerde partner, de persoon met wie hij of zij ongehuwd samenwoont of degene van wie hij of zij het kind erkent. 

Bij deze vormen van verlof ontvangt de medewerker een uitkering:

  1. Zwangerschaps- en bevallingsverlof; de aanvraag voor de uitkering voor zwangerschaps- en bevallingsverlof[LINK naar: https://evencentraal.nl/werkgevers/medewerkers/zwangerschapsverlof-regels-op-rij/] loopt via jou als werkgever. Nieuw sinds 1 april 2016: bij een meerlingzwangerschap gaat het verlof 10 tot uiterlijk 8 weken voor de uitgerekende bevallingsdatum in.
  2. Verlof voor adoptie of pleegzorg; ten hoogste 4 weken. Je dient de aanvraag voor de uitkering uiterlijk 2 weken voor aanvang van het verlof bij UWV in. Het verlof mag gespreid worden over 26 weken. Die periode begint vanaf 2 weken vóór de eerste dag dat het kind ter adoptie of ter pleegzorg wordt opgenomen.

Wil je alles weten over verlof?

Download dan het handboek Wegwijs in Arbeidsvoorwaarden 2017